Standhouden
De geschiedenis van de in de dertiger jaren van de twintigste eeuw gebouwde kazematten op de westelijke Maasoever tussen Katwijk en Oeffelt.

116 G

1939 Nadat het besluit tot het vormen van een doorlopende weerstandslijn genomen was, werd begin 1939 een bedrag van 10 miljoen gulden (4,53 miljoen euro) ter beschikking gesteld voor het bouwen van kazematten, om de mitrailleurs in de linie onder te brengen. Het ontwerp van deze kazematten bestaat uit vier typen met verschillende varianten: De gietstalen G-kazemat (35 varianten); De flankerend B-kazemat (5 varianten); De frontaal en flankerend S-kazemat (4 varianten); De SWZ S-kazemat voor zware mitrailleur (3 varianten). Een gietstalen koepel had een diameter van 2 meter met een gewicht van circa 9,5 ton inclusief deur. Stalen buisleidingen vormde een dubbele aan- en afvoerleiding met ontwateringsbuizen voor een ventilatie-apparaat. Twee andere stalenbuizen waren aanwezig voor het doorvoeren van telefoonkabels. In de koepel was een waterpompje, kapstokplank voorzien van 4 kapstokhaken en een ventilatie-aggregaat met bijhorende afzuigbuizen en rookvanger geplaatst.
Model : G (135)hk (gietstalen koepel of grote kazemat) Ontwerp : Centraal Inundatie en Technisch Bureau (29-03-1939) Tekening nummer : 1403/tG Gebouwd door : N.V Bataafsche Aanneming-Maatschappij Bouwjaar : 1939 Schietrichting : Frontaal Schootsveld : 35· Weerstandvermogen : W.12-15 Muurdikte dak / front : 10 cm mangaan gietstaal Bewapening : Mitrailleur (Schwarzlose) M.08/15 (2600) Bezetting : 3 man - schutter, helper en groepscommandant Kosten  (ongeveer) : 6.500 gulden (3.809 euro) Rijksmonument nummer : Kazemat is geruimd Coördinaten : 51.754082 N 5.869408 E Bijzonderheden : Geruimd in 1941
Kazemat 116 G Kazemat voor zware mitrailleur
Kazemat 116 G
1941 De opzichter van Frontificatie, W. Horstmann maakt een verslag van de beschietingen van de kazematten in de dienstkring. >>Stalen koepel kazemat No. 116 G is beschoten met 4 en 10 cm geschut. De beschieting met 4 cm geschut heeft geen uitwerking gehad, de indringing is enkele mm. De beschieting met 10 cm geschut heeft geen andere uitwerking gehad dan een uitholling van 4 cm diep, ter plaatse waar een treffer op de kruin afgeschampt is. Algemene Conclusie: Beschietingen met mitrailleurs heeft geen uitwerking gehad, de treffers zijn nauwelijks waarneembaar. Beschieting met 4 cm anti-tank-geschut heeft eveneens geen uitwerking gehad, de diepste indringing bedraagt circa 10 mm. Beschieting met zwaardere artillerie (waarschijnlijk luchtdoel artillerie van 10 cm, Duitse V.L.A.K.) heeft op de kruin van de koepel geen uitwerking van betekenis, doordat de schoten afschampen. Diepst geconstateerde indringing van een schamschot is 4 cm. Genoemde beschieting, ongeveer centraal gericht ter hoogte van het schietgat, is fataal n de treffers dringen door het staal heen.<< Door hem getekend op 8 april 1941 te Nijmegen.
Foto Privécollectie Hein Veld Beeldbank WO2 - Nationaal Oorlogs- en Verzetmuseum Overloon
Schade 116 G De gietstalen koepel is getroffen door een afgeschampten artillerie treffer en door verschillende pag. projectielen, waarvan één vrijwel loodrecht ± 4 cm is ingedrongen. Het betonrabat is aan de voorzijde flink beschadigd door artillerievuur.
Nationaal Archief
Een van de gewapend betonnen shuttersputten (Type B) van de 116 G, deze is getroffen door een 3,7 of 8,7cm geschut.
C.I.T.B. Nr.1403/tG
G(135)hk beton : -m 3   wapeningsstaal rond 22mm : 2743,19 kg wapeningsstaal rond 12mm : 1573,31 kg Om de kazematten te maskeren werden verschillende technieken toegepast. De koepel van de 116 G was bruin geschilderd. Beplanting moest de camouflage compleet maken. In mei 1940 was de maskering van veel kazematten echter nog niet gereed, ook de telefoonverbinding was nog niet overal aangebracht.